De schrijfwijze van telefoonnummers

Als ik visitekaartjes of briefpapier ontwerp voor een bedrijf, blijkt vaak hoe verschillend mensen kunnen denken over iets schijnbaar eenvoudigs als de schrijfwijze van telefoonnummers.

Met de digitalisering van het telefoonnetwerk in Nederland, verdween ook de tweede kiestoon. Dit was de toon die je hoorde na het kiezen van het netnummer, bijvoorbeeld 020 voor Amsterdam of 01871 voor Den Bommel. De gebruikelijke schrijfwijze van telefoonnummers was met een streepje tussen netnummer en abonneenummer om aan te geven waar je de tweede kiestoon zou moeten horen, bijvoorbeeld 01871-1634. Hieraan kon je tijdens het draaien horen of je tenminste een bestaand netnummer gedraaid had. Met het verdwijnen van de tweede kiestoon kwam het streepje te vervallen in de door PTT Telecom aanbevolen schrijfwijze van telefoonnummers, die ook door KPN werd gehanteerd in de huisstijl.

Deze voorkeur in de notatie van nummers kwam er op neer dat het netnummer tussen haakjes diende te worden geschreven, zonder spaties ertussen. Dan een spatie en de rest van het nummer met een spatie tussen elke twee cijfers, bijvoorbeeld (0187) 56 78 90. Bestond het abonneenummer niet uit op een even aantal, dan werden de eerste drie cijfers samen gezet, bijvoorbeeld (010) 456 78 90.

De redenatie hierachter is, dat mensen lange nummers meestal niet in één keer (op)lezen en intoetsen of opschrijven. Het is makkelijker ze in stukjes te verdelen volgens een vaste schrijfwijze. Deze notatie wordt daarom nog steeds veel gebruikt.

Ik vermoed dat na de verzelfstandiging van PTT Nederland in 1989 en de daaropvolgende privatisering van de telecom in Nederland, ook de invloed van dit advies met betrekking tot de telefoonnummernotatie afnam.

De standaard schrijfwijze van telefoonnummers sinds decennia

De door het Nederlands Normalisatie-instituut aanbevolen schrijfwijze voor nationale nummers is overigens niet veranderd sinds 1963. Toen al werd in de NEN 2132 standaard aanbevolen om telefoonnummers te schrijven met haakjes om het netnummer, vervolgens een spatie en dan het abonneenummer in groepjes van twee. Het enige verschil is dat in de NEN norm geen groepje van drie cijfers gebruikt wordt als het abonneenummer uit een oneven aantal cijfers bestaat. Het eerste cijfer van het abonneenummer wordt dan los geschreven, bijvoorbeeld (010) 4 56 78 90.

Het NEN verwijst in haar standaard naar nog veel oudere documenten, namelijk het TED (Tijdschrift voor Efficiëntie en Documentatie), Den Haag, van mei 1949, februari 1953 en mei, juni en juli 1959 zelfs naar De macht van het getal uit 1948 van Prof. dr. Fred Schuh.

Kortom, voor de schrijfwijze van onze telefoonnummers bestaat al geruime tijd een standaard. Hoewel die niet op te leggen is, heeft het voordelen één notatie van telefoonnummers aan te houden.

06-Nummers

Hoewel het consequent oogt, is het niet logisch om zogenaamde 06-nummers ook met haakjes te schrijven. De haakjes geven het netnummer aan, wat weggelaten kan worden binnen de regio waar het netnummer voor geldt. De ’06’ kan nooit weggelaten worden. Het heeft dus ook geen zin de 06-prefix tussen haakjes te zetten.

‘Mobiele nummers’ worden dan ook geschreven als groepjes tweetallen, bijvoorbeeld:
06 34 56 67 89.

Geef een reactie